Inleiding De St. Willibrordusstichting, het huidige GGZ-NHN (Geestelijke Gezondheidzorg Noord-Holland-Noord), is in meer opzichten interessant. Niet alleen vanwege haar historische plek en vanwege het monumentale karakter van verschillende gebouwen, maar ook in het kader van de ontwikkelingen binnen de psychiatrie en vanwege de mensen die er hebben gewoond en gewerkt. Het zicht op de St. Willibrordusstichting is niet te missen. Vanaf de A9 en vanuit de trein gezien domineert de toren van de kapel. Vooral in het donker ziet men al van ver het groene neonkruis op de kapel. Op de weg van Uitgeest naar Alkmaar is het een opvallend groot(s) bouwwerk met fraaie vijvers ervoor.
Het terrein van de St. Willibrordusstichting Op het betreden van het terrein van deze stichting rustte voor velen een taboe, want er werden immers psychiatrische patiënten verpleegd.
De Willibrordusstichting was
jarenlang de grootste locale werkgever. De vroegere feestzaal was
gedurende lange tijd de grootste in de regio en er werden dan ook
regelmatig concerten en andere uitvoeringen gegeven voor patiënten en de
inwoners van Heiloo en verre omgeving. Vroeger was de St. Willibrordusstichting een dorp op zichzelf. Men vond er een heuse bakkerij, keuken, schoenmakerij, wasserij, kleermakerij, bibliotheek, mortuarium, werkplaatsen, sportzaal, kerkhof en zelfs twee voetbalvelden voor de eigen voetbalvereniging Stabilitas (opgericht op 14 november 1937). In dit artikel wordt vooral ingegaan op de geschiedenis van de gebouwen en hun bewoners en niet op de therapieën, opleidingen, het leven van de broeders en de bestuurlijke perikelen van deze stichting. Het vroege begin.
Een aantal toevalligheden heeft een
rol gespeeld bij de totstandkoming en vestiging van deze psychiatrische
inrichting. Haar geschiedenis begint in België.
De motieven om een inrichting te
bouwen waren niet alleen van religieuze en financiële aard. Ook prestige
ten opzichte van andere kloosterorden speelde een rol.
De Inspecteur van Staatstoezicht,
H.J.Lubberman, Broeder Junianus en architect H.J.W.Thunnissen gingen
daarna op zoek naar geschikte grond in Noord-Holland. Dit was geen
gemakkelijke opgave, want grond voor een aantrekkelijke prijs was
schaars. In juli 1927 werd uiteindelijk in Heiloo een perceel van drie
hectare gevonden. Het Landgoed IJpensteijn In het jaar 1555 bezit Aagt Willems van Amsterdam een landgoed aan de Oosterwegh (nu Oosterzijweg). Zij trouwt met Willem Bardes I ( volgens de mode in die tijd verlatijnst tot Bardesius), een telg uit een bekend Amsterdams geslacht vanaf 1419. Willem Bardes koopt weilanden aan in het oosten van Heiloo om een eigen opvaart aan te leggen vanaf de Dye, teneinde zijn zate (hoeve) te vergroten. Deze opvaart, gelegen op de plaats waar nu ongeveer de Kanaalweg ligt, heette Buervaart. Hij begint ook met de bouw van het huis IJpensteijn. In 1597 komt de naam IJpensteijn voor als familienaam: Jacob Claesz. IJpensteijn, buyerman (boer) te Heiloo. Hij was geen kleine boer en mogelijk de pachter van de boerderij op het landgoed waaraan later deze naam verbonden werd. Willem Bardes overlijdt in 1601, zijn zoon, Jonker Willem Bardes II blijft op IJpensteijn wonen en voltooit de bouw ervan. Op de landkaart van Groot Balthazar Floris van Berkenrode van 1621 wordt IJpensteijn als Egelenborgh aangeduid. In 1630 komt het huis in welstand na de verbouwing door Willem Bardes III. In 1645 schrijft Cornelis van der Woude in de Kronyck van Alckmaar: 'Men zou hier in de naamen ligt uerdoolen". Hij geeft hiermee aan de naamsverwisselingen en de verschillende spellingsvormen van het huis. Hij noemt het" 't Huys te Egelen-Burgh". Mr. Willem van der Neck, regent te Hoorn, koopt in 1660 het huis IJpensteijn, met de plamagie, singles, boomgaard, laan, tuinen, stallinge, bouwhuijs, de andere stolpen en landerijen.
IJpenstein, door P.van Looy 1908, naar C.Pronk 1725 Hij koopt in 1668 veel onroerend goed, waaronder het huis Egelenburg in het westen van Heiloo. Zijn zoon, Mr. Jan van Neck, erft in 1670 IJpensteijn. Margaretha Sonck, zijn weduwe, verkoopt in 1669 diverse landerijen van IJpensteijn onder het toeziend oog van haar schoonzoon Gerbrand de Vicq. Het huis IJpensteijn wordt in 1749 voor afbraak verkocht, als zovele buitenhuizen in deze periode van economische recessie, en de sloop vindt plaats. Tot 1813 blijft het landgoed in bezit van vier generaties de Vicq; daarna is het twee generaties lang eigendom van de familie Van de Blocquerie. Vanaf 1891 zijn er verschillende eigenaren van het landgoed. De ruïnes van het vroegere IJpenstein waren tot 1928 zichtbaar. Onlangs werd achter het voormalig St. Vincentiuspaviljoen een 8 meter lange muur, behorend tot de fundamenten van het huis IJpenstein, blootgelegd.
De realisatie van de St. Willibrordusstichting
Vooraanzicht van de Stichting met hoofdingang Bijzonder was dat er voor het eerst een inrichting aan de rand van een dorp zou verrijzen, langs de drukke doorgaande Rijksstraatweg van Alkmaar naar Amsterdam (de A9 bestond toen nog niet). Dit was bijzonder omdat de meeste inrichtingen tot dan toe ver van de bewoonde wereld werden gebouwd. De architecten vonden dit geen bezwaar: de inrichting zou daardoor gemakkelijk bereikbaar zijn voor het familiebezoek van de patiënten. De ligging was ook gunstig voor de bedrijfsvoering. De ligging was tevens dicht bij een station. Daarbij voerde dr. Barnhoorn aan dat met de ligging duidelijk werd gemaakt dat het nieuwe instituut een volwaardige plaats in de maatschappij zou innemen. Niet iedereen in Heiloo was gelukkig met de plannen om in de gemeente een dergelijk gesticht te bouwen. Vooral de komst van een psychopatenasiel riep negatieve reacties op.
In de herfst van 1928 ging het
bouwproject van start.
(1930), het St. Pauluspaviljoen (1930) , een noodgebouw dat als refter en recreatiezaal voor de broeders werd ingericht (1931) en een dokterswoning voor de tweede geneesheer (1931) gereed. Er werd een kerkhof aangelegd (1931), er verscheen een hoofdwegennet op het terrein (1931) en de zolder van het St. Vincentiuspaviljoen werd ingericht tot slaapverblijf voor de broeders (1931) In 1933 werd de afdeling Glorieux geopend. Het St. Corneliuspaviljoen werd op 18 maart 1935 in gebruik genomen.
De afdeling Glorieux
Begin 1940 waren alle werkzaamheden voltooid en op 30 maart 1940 volgde
de feestelijke opening. De St. Willibrordusstichting van 1945 tot 1966 Na de bevrijding op 5 mei 1945 kwamen de patiënten vanaf 23 juni weer in groepen terug. In 1941 hadden de Duitsers een zwembad aangelegd op de plek waar nu een parkeerplaats is gelegen (ten oosten van de later afgebrande feestzaal). Het was een van de weinige positieve daden van de Duitsers.
Het door de Duitsers aangelegde zwembad, 1941
In 1946 werd de bollenschuur achter
het huisje van de toenmalige eigenaar, gelegen op de hoek van de Kennemerstraatweg en de Kanaalweg, omgebouwd tot het Augustinuspaviljoen.
Dit paviljoen ging dienen als pedagogische afdeling voor veertig
jongens. Nu is het een kindercrêche. In de periode tussen 1949 en1952
werd de kapel van prachtige brandgeschilderde ramen voorzien. Het Psychiatrisch Centrum St. Willibrord
In 1959 kampten bijna alle
zorginstellingen met een structurele overbezetting en een slechte
doorstroming van patiënten. Dit leidde bij de St. Willibrordusstichting
tot een plan van differentiatie binnen de zorg.
Eind 1963 begon men met de bouw van 6 eengezinswoningen aan de
Vossenakkers. Per woning kwamen hier 6 patiënten te wonen. Het werd
sluisinternaat Buitenzorg genoemd en gold als training in zelfstandig
wonen.
IIn 1965 werd in Schoorl het
pensiontehuis Klein Zwitserland overgenomen ten behoeve van de opname
van bejaarde psychiatrische patiënten, waaronder ook een aantal van de
Willibrordusstichting. In 1966 volgde de opening van het
psychotherapeutisch instituut De Oosthoek in Limmen. Hiermee veranderde
ook de naam van St. Willibrordusstichting in Psychiatrisch Centrum St.
Willibrord.
In 1975 kreeg het Psychiatrisch
Centrum toestemming voor ingrijpende nieuwbouw.
Het spreekt haast vanzelf dat de
beoogde veranderingen niet zonder problemen verliepen, mede door
verschil van inzichten. Binnen en buiten de stichting waren democratie,
inspraak en het hekelen van de massaliteit van instellingen aan de orde
van de dag.
Het St. Jozefpaviljoen voor de sloop
Tijdens
Pinksteren 1989 brandde de grote feestzaal, die in de beginfase dienst
deed als noodkapel, af en op 28 juni 1991 werd op deze plek een modern
restaurant en ontmoetingscentrum geopend. In 1994 werd het Van Foreest
Centrum in gebruik genomen ten behoeve van gerontopsychiatrische
patiënten. GGZ Noord-Holland-Noord
Na roerige jaren vond op 1 juli 1997
een fusie plaats tussen het Psychiatrisch Centrum St. Willibrord, de
RIBW Noord-Holland-Noordwest en de RIAGG’s Noord-Kennemerland en Kop van
Noord-Holland. De nieuwe naam luidt voortaan: GGZ Noord-Holland-Noord.
In 2007 vonden veel bouwactiviteiten
op het terrein van de GGZ-NHN plaats, vooral naast het St.
Pauluspaviljoen. Hier kreeg een deel van de
cliënten (de huidige term voor de vroegere patiënten) hun eigen
appartement met een eigen adres. Begin 2008 kwam het nieuwe
dagactiviteitencentrum gereed. In het St. Pauluspaviljoen en St.
Corneliuspaviljoen zijn inmiddels appartementen gerealiseerd. Daarom is de benaming van de verschillende gebouwen verdwenen of zal nog verdwijnen, tenzij de naamgeving is verankerd op gevels of in gedenkstenen. Daarmee zijn de laatst gebouwde paviljoens ook nu al historie. De straatnamen Bij het bepalen van de straatnamen is GGZ NHN uitgegaan van de geschiedenis van het terrein. De voorstellen van straatnamen zijn mede ontleend aan het boek 'Heiloo voor en na Willibrord', gemeente Heiloo, 1995, hoofdstuk 3 t/m 9. Er is gekozen voor de volgende namen met hun geschiedenis: De Bullaan De Hooge Venne De Kapelbuurt De Kroft De Olvendijk De Overtoom De Strandwal Het Die Het Kerkepad Het Landpad Besluit De geschiedenis van de St. Willibrordusstichting is letterlijk en figuurlijk een bewogen geschiedenis geweest. Ook in de toekomst zullen veranderingen aan bod komen bij de GGZ Noord-Holland-Noord want als de maatschappij verandert, zullen zorg- en dienstverlenende instanties onvermijdelijk meeveranderen.
Hoewel GGZ-NHN de officiële naam van
de instelling is die vanuit het hoofdgebouw van de voormalige St.
Willibrordusstichting wordt geleid, zal zij voor de meeste Heilooënaren
toch de Willibrordusstichting of ‘De Stichting’ blijven heten, al is
het alleen maar omdat het met grote letters op de voorgevel staat. Bronnen:
Een bron van goede
werken, C. Th Bakker en L. De Goei, Amsterdam, 2002. Historische Prent van de Historische Vereniging Oud Heiloo Heiloo voor en na Willibrord, Heiloo, 1995 Archief Museum GGZ-NHN Website GGZ-NHN Persoonlijke documenten Met dank aan:
Raad van Bestuur GGZ-NHN Auteur: Dick Slagter |
||||||||||||||||||||